Buitenspelen

2018. In maart van dat jaar kon het voor het laatst in Nederland. Een late vorstperiode zorgde ervoor dat we eindelijk weer even op natuurijs konden staan. Voor de gelegenheid maakten we toen met een paar jongens uit het dorp een Whatsapp-groep aan: ‘As ’t vriezen an-holt’. Verwijzend naar de oude zandafgraving net over de grens bij Megchelen, beter bekend als het Anholtse gat. Hier leerden we allemaal onze eerste slagen op het ijs, en als het dan kan, dan moet het gebeuren. Na een paar jaar radiostilte in de appgroep werd er begin februari voor de gelegenheid een weerpluim op geplaatst. Dit bood perspectief. Nachtenlang vorst achter elkaar werden er voorspeld. Zal het dan toch weer gebeuren?

Natuurijs. Een mooier cadeau in de winter bestaat er niet voor de schaatsliefhebber. Nadat de Alternatieve Elfstedentocht op de Weissensee eind vorig jaar werd afgelast voor 2021, ging ik er persoonlijk al niet meer van uit dat ik van het jaar nog op natuurijs zou staan. Zeker niet als je bedenkt wat voor een kwakkelwinter we tot begin deze maand hebben gehad. Maar het sloeg om met de weerpluim met daarin de 14-daagse weersverwachting van 5 februari. Iedere dag zette de lijn een meer dalende trend in. Normaal zou een dalende trend meer snelheid met zich meebrengen, net zoals in een afdaling bij een bergetappe van de Tour de France. Nu was dat anders, hoe kouder de voorspelling, hoe langer het voor je gevoel duurde dat de ijzers weer ondergebonden konden worden. Het begin van de schaatskoorts was aangebroken. Symptomen: vaker dan normaal het weerbericht checken, de ijsgroei in de gaten houden, het materiaal checken en oude verhalen van andere natuurijswinters ophalen. Slechter slapen is ook iets dat er gewoon bij hoort, en ik weet zeker dat iedereen die iets met natuurijs heeft, dat ook heeft ervaren vorige week. Een remedie voor deze verschijnselen zijn ook voorhanden door moeder natuur zelf, namelijk temperaturen boven het vriespunt.

En Nederland zou Nederland niet zijn, of alle talkshows hebben het na één nachtvorst al gelijk over een Elfstedentocht. Dit jaar werd carnaval afgelast, maar er leek wel veel aandacht te gaan naar een andere raad van elf: de rayonhoofden van de Friese Elfstedenvereniging. Zelfs het NOS-journaal opende er een keer mee. Zelf heb ik daar niet zoveel mee met al die hysterie in de media. Wel mooi om te zien trouwens: de voorpret met oude beelden van populaire schaatsplekken zoals het Tjeukemeer in Friesland of de Weerribben in de Kop van Overijssel. Diezelfde Weerribben bezocht ik afgelopen zomer met de racefiets, toen ik op een zaterdag een eigen solo-toertocht had uitgestippeld vanaf Megchelen via Zwolle, Giethoorn, Lelystad om vervolgens via Harderwijk en Velp weer naar huis te fietsen. In totaal een ronde van 350 kilometer. Die dag kwam ik ook voorbij de plek in Blokzijl waar ik samen met Yorick in 2013 het ijs opstapte voor de Blokzijlermerentocht. Bijzonder om zo’n plek in twee verschillende jaargetijden te zien.   

Terug naar vorige week. De start met sneeuw op zondag, waardoor de voorspelde strenge vorst het werk kon gaan afmaken om een goede ijsvloer neer te leggen. In aanloop naar het weekend werden we getrakteerd op prachtige zonsopkomsten en -ondergangen. En donderdagochtend werd er in de Whatsapp-groep gemeld door Tom: “Prima ijs”. Of hoe een voorzitter van de Elfstedenvereniging zal zeggen: ‘It giet oan’. Afijn. Dit keer hadden Tom en Yorick de primeur om als eerste een paar rondes te maken aan de voorkant van het Anholtse gat. Op vrijdag was het ijs dik genoeg om er helemaal rond te gaan. Geweldig. Eindelijk kon het weer. Na twee dagen schaatsen, ben ik zelf zaterdagmiddag even naar het Millinger Meer gegaan, want daar werd ook geschaatst. Millingen ligt bijna in de achtertuin, dus even met de fiets ernaartoe. Een prachtige plek net over de grens, met een ronde van meerdere kilometers lang in een schilderachtige omgeving. Met zonsondergang naar huis, om vervolgens zondagochtend om 8:00 uur weer op de fiets terug te gaan.

Een lang weekend stond even alles in het teken van schaatsen. De leuke gesprekken op- en rondom het ijs. Met bekenden en onbekenden. Sommigen had ik al heel lang niet meer gezien of gesproken. De vrolijke gezichten bij jong en oud, de gezelligheid, het magische geluid van het zingende ijs of de scheuren die langs je heen door het ijs bewegen. Een oer-Hollandse sport die door generaties op het ijs aan elkaar worden doorgegeven. Buitenspelen in optima forma. Alles klopte dit weekend. Een weekend vol momenten die gekoesterd worden, en waarin de natuur even keihard op de rem trapte in een wereld waar alles steeds sneller moet en lijkt te gaan. Éen ding ben ik trouwens vergeten om in dit verslag op te schrijven, net zoals iedereen dat even vergat op het ijs: het nieuws rondom corona. Op dit moment lijkt de dooi door te zetten, en kunnen we aankomend weekend misschien overal wel met onze zwemkleding heen op de plekken waar nu nog ijs ligt.

De lente komt weer steeds een stukje dichterbij. Ook een nieuwe sportieve uitdaging zit er dit voorjaar aan te komen. Na vijf jaar ga ik dit jaar weer een actie voor het KWF doen, maar dit keer met de racefiets. Wat die uitdaging precies is, daarover binnenkort meer. Tot slot toen ik zondagavond vanaf Millingen naar huis fietste schoot er een zin binnen die ik hoorde toen ik in 2016 voor het eerst meedeed op de Weissensee die het weekend mooi samenvatte: “Geluk kan zo simpel zijn.” De spijker op z’n kop.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s